akte van een geboorte met aantekeningen in de kantlijn

Van een groene reistas tot een onbekende passante

Een overlijdensakte lijkt een verzameling feiten: een naam, een datum, een leeftijd en een plaats. Maar achter deze feiten zitten echte mensen en levens.

Dat weten ook vrijwilligers Hans van der Laan, Hans Smits en Co van Doesburg. Zij indexeren onder andere akten van de burgerlijke stand van de huidige gemeente Neder Betuwe.

Hans vdL. begon in november vorig jaar. Zijn meest bijzondere vondst tot nu toe deed hij in Echteld, in een overlijdensakte uit 1811. Hierin werd tot in detail beschreven wat er werd aangetroffen: “Zijn baas, een boer, vond de dode man. Hij ging naar zijn huisje, klopte aan, maar er werd niet opengedaan. Toen is hij naar binnen gegaan. Daar trof hij hem hangend aan, met een touw aan de balk geknoopt tussen de bedstee en de schoorsteen. En hij had een groene reistas over zijn hoofd. Je denkt dan: hoe kan dat? Met zo’n tas over je hoofd is het vast geen zelfmoord geweest. Er zal toen toch ook wel een ‘bromsnor’ geweest zijn die zich afvroeg: hoe zit dit?”

Dit soort vondsten is wel een van de redenen dat hij dit vrijwilligerswerk zo leuk vindt. “Ik heb lang in de archeologie gewerkt. Daar kan elk moment iets uit de grond tevoorschijn komen. Dat kan hier ook gebeuren, alleen komt het nu uit een akte.”

Twee mannen in een archiefdepot pakken een doos uit een kast

Van koningshuis tot kindersterfte

Hans S. begon in juni 2024. Hij stuitte op een akte waarin staat dat een ongetrouwde huishoudster bevallen is van een zoontje. Jaren later wordt in de kantlijn geschreven dat het kind is geëcht en gewettigd. Op zich niet zo bijzonder, maar het wettigen gebeurt uit naam van koning Willem en dat is zeer ongebruikelijk. “Ons idee was dat de moeder misschien aan het hof had gediend en dat de koning haar had bezwangerd. Maar dat hebben we natuurlijk niet kunnen bewijzen.”
Niet alle verhalen zijn leuk om te lezen. Vooral de akten over jonge kinderen maken indruk.

“Doodgeboren kinderen, jonge kinderen die overlijden,” vertelt Hans. “Soms zie je een jaar later dezelfde naam weer en dan overlijdt dat kind ook. Kinderen die levenloos geboren werden, kregen soms helemaal geen naam.”

Hans vdL. doet al jaren stamboomonderzoek. Hij laat regelmatig zijn gedachten gaan over de manier waarop mensen vroeger leefden. “Hoe ga je om met een kind dat je verliest? Kinderen die niet gedoopt waren, moesten buiten de muren van het kerkhof liggen. Wat was zo’n kind waard? Of wat dacht je van kinderen die in een weeshuis terecht kwamen na het overlijden van moeder. Vader hertrouwt en overlijdt daarna. Waarom haalde zijn nieuwe vrouw de kinderen niet uit het weeshuis?”

De onbekende passante

Vrijwilliger Co van Doesburg herinnert zich twee opvallende overlijdens uit Opheusden. “In een akte uit 1812 wordt door buren een levenloos geboren kind aangegeven. De moeder wordt aangeduid als ‘arme passante’. Er is geen naam van vader, moeder of kind.” Hans van der Laan: “Je gaat je dan afvragen hoe dat gegaan is. Wie was er verantwoordelijk voor de kosten? Wat gebeurde er met dat kindje?”

Of de werkman die op 22 mei 1812 in Opheusden overleed. Co: “Niemand wist wie hij was of wat er met hem gebeurde. Hij was aan het werk bij een gegoede familie, waarvan de naam wel in de akte werd vermeld. De overledene zelf staat geregistreerd als NN.”

Handgeschreven of voorgedrukt

Per middag schatten ze dat ze zo’n 40 tot 50 namen vastleggen. “In voorgedrukte akten vind je alles veel sneller,” vertelt Hans van der Laan. “Je weet precies waar je in de akte moet zijn. Bij handgeschreven akten verandert de volgorde nogal eens en dan duurt het gewoon wat langer.”