Alle bestanden

Uw zoekacties: Archief van het Groote Bommelsche Gasthuis, 1549 - 1881
x3026 Archief van het Groote Bommelsche Gasthuis, 1549 - 1881
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

3026 Archief van het Groote Bommelsche Gasthuis, 1549 - 1881
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
1. Geschiedenis
2. Inrichting van het bestuur
3. Personeel
4. Wol- en Sajetfabriek
5. Het archief
6. Aanvulling inleiding
sluiten
3026 Archief van het Groote Bommelsche Gasthuis, 1549 - 1881
Inleiding
6. Aanvulling inleiding
Het archief verbleef ten tijde van de inventarisatie door A. Struijk tijdelijk in de archiefbewaarplaats van de gemeente Zaltbommel. Na de inventarisatie bleef het daar berusten en werd in januari 1989 uiteindelijk in bewaring gegeven aan de gemeente en onder het beheer gesteld van het Streekarchief Bommelerwaard (toen nog Streekarchivariaat Bommelerwaard). Aan de openbaarheid van de stukken zijn daarbij geen beperkingen gesteld. De inventaris van A. Struijk bevat 410 nummers. Na de inventarisatie zijn nog diverse aanwinsten op dit archief verworven. Ze zijn beschreven vanaf nummer 3026/411 en ingevoegd in deze inventaris.
Uit het archief ontbreekt een bijzonder belangrijk register dat helaas nog tamelijk recent verdwenen is. Het betreft het zogenaamde cartularium van het gasthuis. Het cartularium is een register waarin de belangrijkste akten met betrekking tot de bezittingen aan onroerende goederen, renten en tijnsen van het gasthuis zijn afgeschreven. Het was bedoeld voor dagelijks gebruik door de rentmeesters en bestuurders van het gasthuis. De, vaak wat onhandelbare, originele perkamenten akten (charters) konden dan veilig opgeborgen blijven. Die originele charters zijn vrijwel allemaal verloren gegaan in de loop der tijden.
Het cartularium is aangelegd in de jaren 1530-1538 onder het bewind van de 'heylichgheest ind ghasthuijssmesters' Jacob Rolofssz. Besirsz. en Dirck Aertsz. die Wijnter. Het bevat afschriften van akten vanaf 1308. Nadat het register is aangelegd in een mooi regelmatig handschrift zijn er op het einde van de zestiende eeuw in een ander handschrift nog een aantal afschriften van akten uit de periode 1588-1593 aan toegevoegd. Het cartularium is ingedeeld naar de namen van de plaatsen waar het gasthuis bezittingen had. Daarbij is de binnenstad van Zaltbommel nader onderverdeeld naar straatnamen. Het grootste deel van de akten is in het latijn een minderheid in het Nederlands
Het historische belang van het cartularium is groot. Van het Gasthuisarchief zijn verder weinig oude stukken bewaard gebleven. Het oudste stuk is een tijnsregister uit de jaren 1457-1472 van een kleiner gasthuis, dat later is opgegaan in het Groote Bommelsche Gasthuis. Dat registers werd enkele jaren geleden verworven uit particulier bezit. Maar veel is verloren gegaan. De notulen van het college van regenten beginnen bijvoorbeeld pas in 1796! Het cartularium is extra van belang omdat ook het archief van de stad Zaltbommel slechts zeer fragmentarisch bewaard bleef. Het cartularium bevat een schat aan gegevens over onroerend goed in de stad en de Bommeler- en de Tielerwaard. Namen van eigenaren, wie woonde waar en had welke bezittingen, gegevens over familieverhoudingen, etc.
In 1943 is het catularium vanuit het Gasthuis naar het Rijksarchief in Arnhem (tegenwoordig Gelders Archief) gegaan voor restauratie. In 1944 was de restauratie voltooid, doch het register bleef op verzoek nog tot 1948 in Arnhem en werd toen weer overgebracht naar het Gasthuis. Daar was het aantoonbaar zeker nog aanwezig in 1957.
Het register was met zekerheid niet meer in het Gasthuis toen in 1980 de afstudeerscriptie van Boekwijt en Van Olst over het Gasthuis verscheen. Zij hadden langdurig tevergeefs gezocht naar het cartularium (Van Olst en Boekwijt, Het Groote Bommelsche Gasthuis, p.91-92). Het cartularium is dus zeker zoek geraakt tussen 1957 en 1980.
We weten hoe het cartularium er uit ziet door een beschrijving uit het einde van de vorige eeuw en omdat er - zo werd pas enkele jaren geleden 'herondekt' - een microfilm van bestaat. Het register is vervaardigd van papier en heeft een eikenhouten band, overtrokken met bruin leer en voorzien van ijzeren beschermknoppen en koperen sluitwerk. Als schutbladen zijn voorin en achterin het register enkele beschreven perkamenten bladen gebruikt. Het geheel is op een ingewikkelde wijze gepagineerd door letters en romeinse cijfers, maar is ook doorlopend gefolieerd van 1 tot en met 187. Bovenaan elke bladzijde is de plaatsnaam en/of straatnaam vermeld waarover dat deel van het register handelt. Ter snelle oriëntatie door de rentmeester is in de marge in een duidelijke gotische letter in het kort gezet om welk stuk grond of welke rente het handelt en wanneer die betaald moet worden. In een veel latere hand is in de marge bij veel akten ook de jaren genoteerd waaruit de akten dateren.
Enkele jaren geleden bleek dat het Rijksarchief (Gelders Archief), waarschijnlijk in de periode dat het cartularium daar in bruikleen was, een microfilm had laten maken van het register. Het Streekarchief Bommelerwaard heeft van die film een kopie verworven en daarvan weer afdrukken op papier en digitale scans op cd-rom laten maken. Bovendien zijn die scans ook te raadplegen via de website van het Streekarchief. Het register zelf is helaas nog steeds spoorloos, maar de inhoud, de informatie kan gelukkig weer geraadpleegd worden.
Overigens kwam bij de zoektocht naar het catularium wel een 16e eeuws tijnsregister uit particulier bezit te voorschijn, dat waarschijnlijk heeft toebehoord aan het gasthuis of een rechtvoorganger van het gasthuis. Het is als nummer 3026/411 toegevoegd aan dit archief.
In 2005 is de inventaris in een database ingevoerd en ter gelegenheid daarvan is de inventaris verbeterd en aangevuld.
J.J.A. Buylinckx, 2005.
Noten
1. C.M. de Fremery, no. 284
2. Nijhoff, deel IV oorkonden, blz. 852
3. Zie nummer 3026/33
4. Zie nummer 3026/79
5. Bayert is apart passantenverblijf, waar lijders aan besmettelijke ziekten, zoals leprozie en de pest, werden ondergebracht.
6. Zie nummer 3026/32.
7. Oud-Archief van de Stad Zaltbommel (OAZ), nummer 20/1034. Necrologium St. Maartenskerk, folio 5, (ca.) 1320.
8. OAZ, nummer 20/1, resolutieboeken magistraat van Zaltbommel, 1619 e.v.. Zie ook gasthuisrekeningen 1616 e.v. (nummers 3026/73 en verder).
9. Zie nummer 3026/106.
10. Zie nummer 3026/1.
11. Zie nummer 3026/218.
12. Zie nummer 3026/2.
13. Zie nummer 3026/234.
14. Zie nummer 3026/4.
15. Zie de nummers 3026/4 en 3026/5.
16. Zie nummer 3026/28.
17. J.L. van der Gouw, Burgerweeshuizen, in Historivnvlae, jrg. 10 (1965), pag. 56-78.
18. Zie nummer 3026/21.
19. Zie nummer 3026/73.
20. OAZ, nummer 3020/2, resoluties magistraat van Zaltbommel 1629.
21. Zie nummer 3026/145.
22. Zie nummer 3026/25.
23. Zie nummer 3026/1.
24. Zie nummer 3026/347.
25. Gelders Archief te Arnhem, Collectie Beckering-Vinckers, fiches XII.
26. Zie nummer 3026/73 en OAZ, nummer 3020/2, resoluties magistraat van Zaltbommel 1631.
27. Zie nummer 3026/30
28. Archief gecombineerd Weeshuis te Zaltbommel. Sajet is tot garen gesponnen wol.
29. Zie de nummers 3026/359 en 3026/366.
30. Zie nummer 3026/1.
31. Bij onderzoek in maart 1987 bleek op de zolder van het Gasthuis tussen de bescheiden 1900-heden nog stukken uit de 16e en 17e eeuw te zitten; deze zijn overgebracht en opgenomen in deze inventaris.
32. Zie nummer 3026/21.
33. Zie nummer 3026/19.
34. Zie nummer 3026/32 e.v. en 3026/38 e.v.
Literatuur
-
Acqouy, J.G.R.: Geschiedenis van het Groote Bommelsche Gasthuis; geschreven op verzoek van de H.H. regenten van dat gesticht, Leiden, juli 1878.
Beckering Vinckers, J.: De historische schoonheid van Zaltbommel, Heemschutserie, deel 45, Amsterdam, 1944.
Boekwijt, H. en E. van Olst, Het Groote Bommelsche Gasthuis, 2 dln., onuitgegeven scriptie, Zaltbommel 1980.

- Groot, J.H. de: Zaltbommel; stad en waard door de eeuwen heen, Zaltbommel, 1979.
Kossman-Putto, J.A.: Armen- en ziekenzorg in de noordelijke nederlanden, (Nieuwe) - Algemene Geschiedenis der Nederlanden, deel II, blz. 254-267, Haarlem, 1982.
Vermeulen, F.A.J.: De monumenten van geschiedenis en kunst in de provincie Gelderland; onderdeel van het eerste stuk: De monumenten in de Bommeler- en Tielerwaard, Den Haag, 1932.
Inventaris
Kenmerken
Datering:
1549 - 1881
Plaats:
Zaltbommel
Dekking in tijd:
1549 - 1881
Verversingsgraad:
onregelmatig
Taal:
Nederlands
Omvang in meters:
11
Gemeente:
Zaltbommel
Locatie:
Zaltbommel
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS